JAEP MEEMS

Jaep (Jakob) Meems werd geboren op 8 april 1943 in Twijzelerheide. Hij groeide op als middelste van drie broers in een hard werkende middenstandsfamilie. De ouders hadden een drogisterij en waren vrome gereformeerden die hun kinderen vrij lieten om dingen te onderzoeken en uit te vinden. Vader overleed jong en moeder, inmiddels 102 jaar oud, runde lange tijd de winkel in haar eentje.Jaap studeerde orgel, piano en algemene muzikale vorming aan het Conservatorium in Leeuwarden, in Groningen en deed aanvullende cursussen en opleidingen in Den Haag en Driebergen.

Hij was 40 jaar orgel- en pianodocent aan streekmuziekschool De Wâldsang in Buitenpost, 30 jaar vakdocent muzikale vorming in het basisonderwijs en heeft vele taken binnen de kunst- en cultuursector vervuld. Hij speelde jarenlang bij het Openluchttheater van Burgum, zat in het bestuur van De Schierstins te Veenwouden, organiseerde tal van culturele en literaire avonden in Twijzelerheide, is sinds 25 jaar koordirigent van het koor in Ee en vrijwilliger en adviseur van de Stichting Keunstkrite Twizel. Hij woont en werkt in Twijzelerheide.

Dat is een lastige vraag! Beetje dubbel ook. Hoe de mensen over mij denken kan met niet schelen in de zin dat ik dat niet kan invullen. Ik doe mijn best om altijd aardig te zijn tegen iedereen die ik tegenkom. Ik groet de mensen in het dorp en maak graag een praatje met deze en gene en ben daar ook oprecht in. Met veel oud-leerlingen heb ik ook goede contacten.

Ik probeer een goed mens te zijn; mijn ouders hebben ons wel zo opgevoed dat je niet er niet alleen voor jezelf bent maar ook voor anderen. Iedereen telt mee. Ik hoop dat mensen mij zo herinneren, als een goed en aardig mens. De muziek en de kunst mag ook natuurlijk; wat iedereen maar wil.

Wat is volgens jou de belangrijkste ontwikkeling binnen de kunst en cultuur op dit moment? De belangstelling voor kunst en literatuur zoals ik die waardeer, loopt voor mijn gevoel terug . Ik zie vooral vervlakking en ik merk dat ik de jongste generatie kunstenaars vaak niet meer kan volgen in hun uitingen. Vaak aardige mensen, veel talent ook, maar heel erg gericht op succes en buitenkant en te weinig op de inhoud heb ik het idee. Ik vraag me vaak af: “Hoe nou verder?” Het halen van de media lijkt meer een einddoel in plaats van een middel tot verdere ontwikkeling. Spijtig, want vaak zijn er wel kruiwagens nodig om de echte talenten een kans te geven.

Wie moeten we in de gaten houden op dat terrein volgens jou? Wie gaat er “een grote” worden? Robert Poortinga! Een jonge jongen uit Damwâld, pianist. Kwam bij mij via de Wâldsang. Geweldig talent! Speelt nu in New York waar hij zijn opleiding vervolgt. Heb ik via mijn contacten voor hem tot stand kunnen brengen. Dat bedoel ik dus met kruiwagens. Hij geeft in januari hier een huiskamerconcert. Die moet je zeker in de gaten houden!

Nog zo eentje: Tim de Vries, zoon van journalist Abe de Vries van het Friesch Dagblad. Kwam hier met zijn evenzeer begaafde broertje. Tim heeft het in zich om een groot violist te worden. Zoals die jongen speelt met zijn instrument! Het is een wonderkind. Speelt binnenkort samen met Simone Lamsma. Won het Prinses Christina Junior Concours dit jaar. Ik dacht “dat moet bij elkaar” en dus heb ik Robert en Tim elkaar hier laten ontmoeten. Fantastisch was dat! Doen ook samen dingen in Frankrijk nu.

Het gaat bij jou dus om verbinding? Met de natuur, met de kunst, met geestverwanten, je roots, het verbinden van mensen onderling? Kan ik dat zo uitleggen? Misschien wel. Ik ben altijd op zoek naar harmonie. Het moet kloppen, het moet goed voelen. Zulke talenten een stukje op weg helpen voelt goed; dan gaat het ook stromen, dan krijgt het een kans. Dat vind ik belangrijk; dat mensen een kans krijgen.

Waar voel je je thuis? Ik heb een hele aparte band met Dongeradeel. Ik was een keer onderweg met de auto en ik reed door de landerijen daar; de boerderijen lagen als kleine paradijsjes in de open vlakten en de luchten waren onbeschrijfelijk mooi. Ik had prachtige muziek op staan en voelde me ineens diep gelukkig van zoveel schoonheid. Het was een diep en overweldigend gevoel en ik dacht “ Ik kom thuis”. Ik kan het niet verklaren, want ik ben geboren en getogen in de Wâlden.

De tweede keer dat ik dat gevoel had was bij Hetty Obreen; het gevoel van geestesverwantschap was zo diep. Ook daar “kwam ik thuis”. Ik zou er trouwens niet willen wonen, in de Dongeradeel. Ik hou van het wijdse en de openheid, maar Twijzelerheide is mijn thuis. Het is hier “smuk” en hier voel ik me veilig.

Ik heb na die ervaring op die landweg wel gedacht dat ik iets wilde doen met de mensen daar. Kort daarna werd ik gebeld door iemand uit Ee die een dirigent zocht voor een koor. Dat heb ik toen gedaan en dat doe ik nu al 25 jaar. Het is een geweldig koor en we hebben prachtige optredens. Ik heb al een paar keer gehad dat ik tijdens zo’n uitvoering dacht: “Waar gaat dit heen?” Het gezang stijgt op naar de wolken, de hemel en dan…? Zulke gedachten overvallen me dan.

Ik ben een gelukkig mens. Heb eigenlijk alles waar ik als kind van droomde verwezenlijkt. Mijn huis in de natuur, kunst en muziek. Geweldige mensen om me heen. Dat vervult me van dankbaarheid. Het leven is mooi.